Over inventarisatie-onderzoek is niet erg veel informatie te vinden. In deze blog beschrijven we in het kort wat inventarisatie-onderzoek nu eigenlijk is en wanneer het zinvol is om het in te zetten.

Wil je meer weten over de verschillende soorten onderzoek die in je in kunt zetten en waar je op moet letten bij de keuze van een onderzoeksmethode, lees dan de volgende blogs:

overzicht van verschillende onderzoeksmethoden
Waar let je op bij de keuze van een onderzoeksmethode?

Wat is een inventarisatie-onderzoek?

Met inventarisatie-onderzoek wordt de stand van zaken op een bepaald gebied in kaart gebracht. Het wordt vaak gezien als een soort vooronderzoek waarbij je eerst de situatie in beeld brengt voordat je start met het daadwerkelijke onderzoek. Ook wordt het ingezet om een bepaalde activiteit meer kans van slagen te geven doordat je vooraf informatie hebt verzameld. Inventarisatie-onderzoek valt onder descriptief (beschrijvend) of exploratief (verkennend) onderzoek.

Waarvoor wordt inventarisatie-onderzoek ingezet?

Voorbeelden van inventarisatie-onderzoek

In een ander blog hebben we verteld wat EVI inhoudt en wat je er mee kunt doen. Wanneer een penvoerder van Cultuureducatie met Kwaliteit (CmK) ervoor heeft gekozen om er mee aan de slag te gaan zijn er een aantal zaken de uitgezocht moeten worden. Hierover hebben wij 7 tips om EVI in te voeren verzameld tijdens het doen van een onderzoek naar EVI en de invoering ervan.

Voor welke schaal kies je?

Deze tips zijn natuurlijk niet alleen voor het gebruiken van EVI, je zou ze ook bij andere meetinstrumenten kunnen gebruiken die je nieuw wilt gaan inzetten. Kijk dan welke tip van toepassing kan zijn voor je.

gelopen periode hebben we een aantal blogs geschreven over waar goed onderzoek aan moet voldoen. In deze blog brengen we deze criteria nog een keer kort onder de aandacht en verwijzen we naar de blogs per onderwerp.

Betrouwbaarheid

De betrouwbaarheid van een onderzoek gaat over de mate waarin de bevindingen te vertalen zijn naar een groter geheel. Bij kwantitatief onderzoek geeft het betrouwbaarheidspercentage de kans aan dat bij herhaling van het onderzoek hetzelfde uit het onderzoek komt. Bij kwalitatief onderzoek gaat betrouwbaarheid over het spreken van de juiste personen. Meer info: wat betekent betrouwbaarheid?

Validiteit

De validiteit van een onderzoek vertelt iets in hoeverre de vragen die gesteld zijn meten wat ze moeten meten. M.a.w. zijn de gestelde vragen ondubbelzinnig? Kan de respondent de vraag anders opgevat hebben dan jij hem gesteld hebt? En wat betreft de gehele vragenlijst: geven de gestelde vragen in de vragenlijst antwoord op de onderzoeksvraag? Meer info: wat is validiteit?

Dat betrouwbaarheid en validiteit met elkaar samenhangen, blijkt uit onderstaand plaatje.

 

Representativiteit

Representativiteit houdt de mate in waarin de respondenten uit een steekproef een goede afspiegeling vormen van de doelgroep van je onderzoek. Je onderzoek is hierdoor representatief, wat betekent dat de eindconclusie van je onderzoek kloppend is voor ‘iedereen’ in je onderzoekspopulatie. Zorg ervoor dat je steekproef voldoende groot is en dat de opbouw van je steekproef in grote lijnen overeenkomt met je populatie. Meer info: representativiteit: wat is het en hoe krijg je het?

Herhaalbaarheid

Het onderzoek moet herhaalbaar zijn op een ander tijdstip, met een andere onderzoeker, andere steekproef (wel dezelfde doelgroep) en onder andere omstandigheden.  Meer info: onderzoek moet herhaalbaar zijn

Objectiviteit

Objectiviteit komt met name naar voren bij kwalitatief onderzoek. Bij een interview heb je als onderzoeker absoluut geen mening. Althans die mening mag je niet laten merken. Een objectieve houding is misschien wel de belangrijkste eigenschap van een interviewer. Maar ook bij kwantitatief onderzoek is objectiviteit belangrijk. Hierbij gaat het om hoe je een vraag formuleert. Een neutrale formulering is hierbij essentieel. Meer info: objectief blijven bij kwalitatief onderzoek

Onafhankelijk

Een onafhankelijk onderzoek betekent dat de onderzoeker geen belang heeft bij de uitkomsten van het gesprek. Je meet dus niet volgens je eigen maatstaf. Dat is onder andere belangrijk wanneer je onderzoek doet naar je eigen organisatie. Je wilt voorkomen dat je valt onder de slogan: ‘Wij van wc-eend, adviseren wc-eend‘. Meer info: onafhankelijk onderzoek wat is het?

In de afgelopen periode hebben we een aantal blogs geschreven over waar goed onderzoek aan moet voldoen. In deze blog brengen we deze criteria nog een keer kort onder de aandacht en verwijzen we naar de blogs per onderwerp.

Betrouwbaarheid

De betrouwbaarheid van een onderzoek gaat over de mate waarin de bevindingen te vertalen zijn naar een groter geheel. Bij kwantitatief onderzoek geeft het betrouwbaarheidspercentage de kans aan dat bij herhaling van het onderzoek hetzelfde uit het onderzoek komt. Bij kwalitatief onderzoek gaat betrouwbaarheid over het spreken van de juiste personen. Meer info: wat betekent betrouwbaarheid?

Validiteit

De validiteit van een onderzoek vertelt iets in hoeverre de vragen die gesteld zijn meten wat ze moeten meten. M.a.w. zijn de gestelde vragen ondubbelzinnig? Kan de respondent de vraag anders opgevat hebben dan jij hem gesteld hebt? En wat betreft de gehele vragenlijst: geven de gestelde vragen in de vragenlijst antwoord op de onderzoeksvraag? Meer info: wat is validiteit?

Dat betrouwbaarheid en validiteit met elkaar samenhangen, blijkt uit onderstaand plaatje.

Validiteit en betrouwbaarheid

Representativiteit

Representativiteit houdt de mate in waarin de respondenten uit een steekproef een goede afspiegeling vormen van de doelgroep van je onderzoek. Je onderzoek is hierdoor representatief, wat betekent dat de eindconclusie van je onderzoek kloppend is voor ‘iedereen’ in je onderzoekspopulatie. Zorg ervoor dat je steekproef voldoende groot is en dat de opbouw van je steekproef in grote lijnen overeenkomt met je populatie. Meer info: representativiteit: wat is het en hoe krijg je het?

Herhaalbaarheid

Het onderzoek moet herhaalbaar zijn op een ander tijdstip, met een andere onderzoeker, andere steekproef (wel dezelfde doelgroep) en onder andere omstandigheden.  Meer info: onderzoek moet herhaalbaar zijn

Objectiviteit

Objectiviteit komt met name naar voren bij kwalitatief onderzoek. Bij een interview heb je als onderzoeker absoluut geen mening. Althans die mening mag je niet laten merken. Een objectieve houding is misschien wel de belangrijkste eigenschap van een interviewer. Maar ook bij kwantitatief onderzoek is objectiviteit belangrijk. Hierbij gaat het om hoe je een vraag formuleert. Een neutrale formulering is hierbij essentieel. Meer info: objectief blijven bij kwalitatief onderzoek

Onafhankelijk

Een onafhankelijk onderzoek betekent dat de onderzoeker geen belang heeft bij de uitkomsten van het gesprek. Je meet dus niet volgens je eigen maatstaf. Dat is onder andere belangrijk wanneer je onderzoek doet naar je eigen organisatie. Je wilt voorkomen dat je valt onder de slogan: ‘Wij van wc-eend, adviseren wc-eend‘. Meer info: onafhankelijk onderzoek wat is het?

Wanneer je bekend bent in de wereld van cultuureducatie hoor je steeds vaker geluiden over EVI. Vooral binnen het primair onderwijs, maar de eerste geluiden over EVI in het voortgezet onderwijs hebben ons ook bereikt. Wat is EVI en niet onbelangrijk: wat heb je aan EVI? In deze blog ga ik je er meer over vertellen.

Het ontstaan van EVI

Stichting Kunst en Cultuur heeft EVI ontwikkeld als zelfevaluatie instrument voor de scholen die gebruik maakten van de CmK-regeling (Cultuureducatie met Kwaliteit). De zelfevaluatie geeft de scholen inzicht en informatie over ontwikkelmogelijkheden. Daarnaast wordt de verzamelde data geanonimiseerd en gebruikt voor de verantwoording voor de CmK-regeling. EVI is samen met de Rijksuniversiteit Groningen ontwikkeld. Dit is doorontwikkeld door LKCA met verschillende cultuureducatie organisaties, zodat deze landelijk ingezet kon worden en EVI 2.0 is ontstaan. Op deze manier is het vooral een ontwikkelingsinstrument geworden voor de scholen.

Het ontstaan van EVI

Stichting Kunst en Cultuur heeft EVI ontwikkeld als zelfevaluatie instrument voor de scholen die gebruik maakten van de CmK-regeling (Cultuureducatie met Kwaliteit). De zelfevaluatie geeft de scholen inzicht en informatie over ontwikkelmogelijkheden. Daarnaast wordt de verzamelde data geanonimiseerd en gebruikt voor de verantwoording voor de CmK-regeling. EVI is samen met de Rijksuniversiteit Groningen ontwikkeld. Dit is doorontwikkeld door LKCA met verschillende cultuureducatie organisaties, zodat deze landelijk ingezet kon worden en EVI 2.0 is ontstaan. Op deze manier is het vooral een ontwikkelingsinstrument geworden voor de scholen.

nen het primair onderwijs, maar de eerste geluiden over EVI in het voortgezet onderwijs hebben ons ook bereikt. Wat is EVI en niet onbelangrijk: wat heb je aan EVI? In deze blog ga ik je er meer over vertellen.

EVI in de praktijk

EVI is een ontwikkelingsinstrument voor scholen om te zien waar ze staan en welke stappen ze nog kunnen ondernemen in de toekomst. EVI is niet oordelend. Het laat zien waar je als school staat en het helpt scholen verder om het beleid uit te voeren. Daarnaast is het een gespreksinstrument voor coaches, adviseurs en begeleiders van cultuureducatie op scholen.

Om EVI goed in te vullen heeft de ICC-er gemiddeld een uur nodig. Vooral de eerste keer kan het tijdsintensief zijn om EVI in te vullen. Een nieuwe ICC’er kan hulp vragen wanneer deze EVI voor de eerste keer moet invullen. Tijdens het invullen kan er een hulpvraag gesteld worden door de school aan de coach, adviseur of begeleider van de penvoerder. Deze komt hier automatisch terecht en kan hierover contact opnemen.

Na het invullen van EVI krijgt de school direct de resultaten te zien en het scenario waar ze inzitten. Ze krijgen tips en suggesties voor vervolgstappen. Scholen gebruiken EVI om na te denken over hun cultuurvisie en het beleid op hun school. De coaches, adviseurs en begeleiders kunnen hierbij helpen.

Voor de penvoerder van Cultuureducatie met Kwaliteit kan er een geanonimiseerde analyse van alle ingevulde EVI’s gemaakt worden door een kennispartner. Dit is een universiteit waar LKCA een samenwerkingsovereenkomst mee heeft. Deze kennispartners werken volgens een vast stramien om de resultaten te analyseren. Naast de rapportage is het is het mogelijk om de scholen te vergelijken, als het er maar minimaal 5 scholen zijn om de anonimiteit te houden. Deze vergelijking is af te zetten op wijkniveau, stadsniveau, maar straks ook landelijk.

EVI en de verantwoording

Tijdens het invullen van EVI worden kwantitatieve en kwalitatieve gegevens verzameld. Zo zijn er veel open vragen, maar ook een aantal gesloten vragen waar aantallen ingevuld moeten worden. Deze gegevens kan de penvoerder van CmK  gebruiken in haar verantwoording naar Fonds Cultuurparticipatie. Niet alle gegevens die nodig zijn voor de verantwoording, zijn terug te vinden in EVI. Er zullen toch extra gegevens verzameld moeten worden naast EVI.

Naast het rapport dat gemaakt wordt door een kennispartner is er een reactie nodig op het rapport om de resultaten te duiden. Denk hierbij aan een begeleidend schrijven met reacties op resultaten.

Deze blog gaat over het testen van een vragenlijst voorafgaande aan het daadwerkelijke onderzoek.

Wil je meer weten over waar je allemaal aan moet denken bij het uitvoeren van kwantitatief onderzoek, lees de volgende blogs:

Waarom je vragenlijst testen?

Het testen heeft als doel om te kijken of je met je vragenlijst echt ophaalt wat je wilt ophalen. Meet je wat je wilt meten? Een andere vraag die je je moet stellen is of je met de data uit de vragenlijst je onderzoeksvragen kunt beantwoorden en vanzelfsprekend is het van belang dat er geen fouten in staan. Denk bij dit laatste aan foute of incomplete antwoordcategorieën of verkeerde doorverwijzingen waardoor respondenten vragen krijgen die niet voor deze respondent bestemd zijn of vragen juist niet krijgen die wel voor deze respondent van toepassing zijn. Wanneer je een groot, wetenschappelijk onderzoek gaat uitvoeren, zal het vooronderzoek onder een relatief grote groep respondenten moeten worden uitgevoerd. Hierbij wil je bijvoorbeeld ook antwoord krijgen op de vraag of bepaalde vragen/stellingen onder te brengen zijn in schalen op een statistisch verantwoorde wijze.

Ga in gesprek met je respondent

Test je vragenlijst onder respondenten die ook tot je uiteindelijke doelgroep behoren en ga na of tijdens het invullen van de vragenlijst met hen in gesprek. Haal hierbij op of alle vragen duidelijk zijn en niet multi-interpretabel. Vraag of het doel van het onderzoek helder is en hoe lang ze over het invullen van de vragenlijst hebben gedaan. De respondent mag in het gesprek gerust kritisch zijn, dit is namelijk het moment om nog aanpassingen te doen.

Datacheck pilot

Sommige ‘fouten’ kun je niet achterhalen wanneer je je bij de pilot beperkt tot het spreken van je respondenten. Respondenten kunnen bijvoorbeeld niet weten wanneer zij vragen niet krijgen door foute doorverwijzingen. Analyseer je data verkregen uit de pilot zorgvuldig. Kijk of alle velden goed gevuld zijn en ga terug naar je onderzoeksvragen. Kun je met deze data de onderzoeksvragen beantwoorden. Gebruik de datacheck ook voor het testen van eventuele schaalconstructies.

Test herhalen?

Het is verstandig om je test te herhalen wanneer je de vragenlijst substantieel hebt aangepast. Een fout is snel gemaakt, zeker wanneer je er al lang mee bezig bent. Vraag een andere groep testrespondenten voor deze herhaalpilot. Zij kijken weer met een frisse blik naar de vragenlijst.

In deze blog gaat het over het organiseren van 1-op-1 interviews. De groepsinterviews laten we voor nu even buiten beschouwing.

Wil je meer weten over waar je allemaal aan moet denken bij een interview, lees de volgende blogs:

Er is een aantal zaken waaraan je moet denken wanneer je interviews gaat organiseren:

Het maken van de afspraak

Bij het plannen van een onderzoek op basis van interviews, moet je niet onderschatten hoeveel tijd het kost om de afspraken te maken. Bij het maken van de afspraak moet de respondent kunnen kiezen tussen een aantal opties. Je kunt niet verwachten dat iedereen zomaar kan op de datum/tijd die jij voorstelt. Een keuze geven dus. Daarnaast plan je de afspraak ook één of enkele weken van te voren, afhankelijk van hoe druk je de agenda van je gesprekspartner inschat.

Het plannen van het onderzoekstraject

Het uitwerken van een interview kost ongeveer net zoveel tijd als het houden van het interview zelf. Houdt hier rekening mee wanneer je de planning maakt van het gehele traject. Een ander aspect bij het plannen is dat het interviewen van een respondent behoorlijk vermoeiend is. Plan er dus niet teveel op een dag. Er is niet echt een regel voor, maar 3 interviews van 1 uur is wel het maximum voor een dag.

Opname van de interviews

Voor de uitwerking van de interviews is het fijn wanneer je kan terugluisteren wat er allemaal gezegd is. Zorg ervoor dat je opnameapparatuur bij je hebt. Bij een interview via team/zoom, enz. is dit makkelijk te regelen. Een live of telefonisch gesprek kan met een smartphone opgenomen worden. Vraag wel altijd toestemming hiervoor en verwijder de gesprekken nadat deze is uitgewerkt.

Locatie

Bij live gesprekken is de locatie van groot belang. De betrouwbaarheid/veiligheid van de locatie is een factor. Een andere factor is dat het een geluidsarme omgeving is waar je niet gestoord gaat worden. Een derde factor is de neutraliteit. Wanneer je bijvoorbeeld werknemers interviewt over de bedrijfscultuur, dan is een locatie waarbij de leidinggevende in de directe omgeving is, minder geschikt.

Aantal interviewers

Natuurlijk is het van belang dat interviewers objectief en onafhankelijk zijn, echter het is niet te vermijden dat de ene interviewer niet exact dezelfde werkwijze gaat hanteren dan een andere. Hou het daarom bij een klein groepje interviewers (max. 3) en voer de eerste paar interviews samen uit zodat je van elkaar weet hoe de vragen worden gesteld en hoe ver er doorgevraagd moet worden.

Bij het opstellen van een vragenlijst of enquête kun je gebruik maken van verschillende soorten vragen. In deze blog een greep uit de mogelijkheden: 

Meerkeuze

De meest gekozen vraag is de meerkeuze vraag. Hierin geef je de respondent een aantal antwoordopties. Je kunt er zelf voor kiezen hoeveel antwoordmogelijkheden er zijn. Echter moet je niet te veel antwoordopties nemen, dat komt namelijk niet ten goede van je resultaten. Beter gebruik je de optie ‘anders namelijk …’, daar kunnen mensen een antwoordmogelijkheid opgeven als deze er niet tussen staat. Bij een meerkeuze vraag kun je er voor kiezen dat de respondent 1 antwoordmogelijkheid mag opgeven of meerdere opties.

Voorbeeld:

Wat is je favoriete taartvulling?

  1. Bakkersroom
  2. Fruit
  3. Jam
  4. Slagroom
  5. chocolademousse
  6. Anders namelijk…

Grid of matrix

Bij een grid maak je een matrix met verschillende opties. In de rijen zet je stellingen en in de kolommen de antwoordmogelijkheden. Op deze manier kun je met één vraag meerdere vragen beantwoorden. Verder kun je vragen terug laten komen, alleen dan op een andere manier beschreven of negatief geformuleerd. Op deze manier kun je testen hoe serieus de respondent de vragenlijst heeft ingevuld.

Voorbeeld:

Wat vond je van de chocoladetaart:

grid

Slider

Een slider gebruik je bij vragen met een beoordelingsschaal, bijvoorbeeld 1 t/m 10. De respondent kan de slider verzetten naar het juiste getal. Het is belangrijk dat je de respondent uitlegt wat de waarde van de cijfers zijn op de schaal. Is 1 goed of is juist 10 goed. De slider kun je ook gebruiken bij de vraag hoe waarschijnlijk iemand iets vind. Aan de linkerkant zet je helemaal niet en aan de rechterkant heel erg, je laat de respondent dan de slider verzetten naar het punt dat degene het vindt.

Voorbeeld:

Hoe blij ben je met je taart?

Slider

Percentage geven

Deze vraag kun je aan de respondent stellen als je wilt weten hoe ver iemand is. Je vraagt aan de respondent in te schatten hoeveel procent er af is. Hiervoor kun je ook een slider gebruiken of je laat de respondent het percentage ingeven.

Voorbeeld:

Hoeveel van de taart is op?

0% = niks verbruikt

100% = alles verbruikt

Vul hier het percentage:

Punten toekennen

Bij deze vraag geef je de respondent om een aantal punten toe te kennen aan verschillende onderdelen. Je geeft de respondent 10 punten en die mogen verdeeld worden over de verschillende onderdelen. Bij de analyse kun je dan uitrekenen wat de gemiddeldes zijn of welk onderdeel het meeste punten heeft gescoord. Op deze manier kun je zien hoe de respondenten de verschillende onderdelen waarderen.

Voorbeeld:

Verdeel 10 punten over wat je favoriete taart is, waarbij je de meeste punten geeft aan je meest favoriete taart en de minste punten naar je minst favoriete taart.

Chocoladetaart ___ punten
Appeltaart ___ punten
Kersenvlaai ___ punten
Slagroomtaart ___ punten
Totaal 10 punten

Ranking

Bij ranking vraag je de respondent om een aantal onderdelen op volgorde van waardering of belang te zetten. Zo zie je welke onderdelen belangrijk zijn of goed worden gewaardeerd door je respondenten. Op deze manier weet je welke onderdelen nog extra aandacht nodig hebben.

Voorbeeld:

Zet de volgende onderdelen van taart op volgorde van bepalend voor je oordeel, waarbij 1 het meest belangrijk is.

___ Deeg

___ Vulling

___ Versiering

___ Afmeting

___ Smaak

Variatie in de vragenlijst

Er zijn nog veel meer vragen mogelijk, maar met deze selectie kun je al meer variëren in je vragen. Door te variëren, maak je het ook leuk voor je respondent om de vragenlijst in te vullen. Ze moeten goed lezen en opletten wanneer ze de vragenlijst invullen. Zorg er ook voor dat je vragenlijst niet te lang wordt door slim te kiezen in de soort vraag, kun je wel veel informatie ophalen.

Een dashboard geeft snel inzicht in de huidige stand van zaken. Om deze gemakkelijk te lezen, moet deze wel op een goede manier zijn ingericht. Je wilt namelijk een makkelijk overzicht van data die wordt verzameld. Zelf maken we ook op verschillende vlakken gebruik van dashboards. Het geeft ons inzichten in diverse zaken waar we mee bezig zijn, denk hierbij aan een dashboard voor het bereik en conversie van onze marketingactiviteiten of de kosten en opbrengsten van projecten.

Relevante informatie

Bij het samenstellen van een dashboard kijken we als eerste welke informatie je wilt inzien en welke data je daarbij nodig hebt. Het is belangrijk om goed na te denken welke informatie relevant is. Je kunt wel alles willen zien in grafieken en tabellen, maar dat maakt het er niet overzichtelijker op. Het is juist belangrijk om alleen de relevante informatie te zien en op andere tabbladen de extra aanvullende informatie. Vaak kijk je steeds naar dezelfde informatie.

Ontwerpen

Om een ontwerp te maken voor je dashboard is het handig om met geeltjes aan te geven wat voor grafieken en tabellen je wilt in je dashboard. Vervolgens kun je kijken wat er past. Als alles een plekje heeft gekregen ga je het bouwen.

Handige filters

Wanneer een dashboard goed is ingesteld kun je er heel veel informatie uithalen. Zo kan er een tijdslijnfilter in staan waar je mee kunt spelen. Zo kun je alleen de informatie laten zien van een maand, een half jaar of juist een aantal maanden. Zeker voor rapportage kan het handig zijn om de informatie te selecteren van een bepaalde periode.

Door het gebruik van grafieken kun je het verloop zien van bijvoorbeeld acties of aantallen. Door maandelijks naar de grafieken te kijken kun je bijstellen waar nodig. Als er bijvoorbeeld ineens een dip in de aantallen zit kun je hier direct actie in ondernemen zodat het de volgende maand weer verbeterd.

In dashboard maken we graag gebruik van filters. Door filters kun je selecteren op een bepaalde doelgroep, een plaats of ander onderwerp dat je handig vind. Met deze filters kun je de grafieken aanpassen naar de informatie die op dat moment relevant voor je is.

Wil je graag dat we met je meedenken over het inrichten van een dashboard of wat het voor jouw organisatie kan betekenen? Lees het hier.

Voordat je begint met de analyse van je data is het goed om te controleren of het veldwerk dat je hebt gedaan goed is uitgevoerd en geregistreerd. Zijn er voldoende respondenten, voldoende vragenlijsten, voldoende observaties, voldoende interviews? En het belangrijkste is je data representatief? Is het representatief voor de gehele onderzoekspopulatie? Om hierachter te komen is het goed om aan datacleaning te doen. Maar wat is dat eigenlijk?

Kwalitatieve datacleaning

Bij interviews of groepsgesprekken wil het wel eens dat er bepaalde informatie onderbelicht blijft. Kijk daarom halverwege je veldwerk of je al antwoord kunt geven op je onderzoeksvragen. Je hebt dan namelijk nog tijd om extra gesprekken in te plannen of je protocol aan te passen. Op deze manier krijg je alsnog de informatie boven die je nodig hebt. Wanneer je hier aan het eind van je veldwerk achter komt, moet je extra gesprekken inplannen om alsnog achter de informatie te komen.

Kwantitatieve datacleaning

Bij kwantitatieve data is het belangrijk om te controleren of je voldoende respons hebt ontvangen. Tevens kijk je of de aantallen representatief zijn voor je onderzoekspopulatie. Doe je een onderzoek in de provincie en je hebt alleen respons van één gemeente, dan is dit niet representatief voor de gehele provincie. Naast representativiteit moet je ook controleren op fouten bij invoeren en registreren. Als je fouten ontdekt in de registratie, kijk of je het kunt corrigeren zonder dat de data wordt veranderd. Als je veel fouten ontdekt, kijk waar de fout ligt en pas de vragenlijst aan en controleer intensiever de data.

Controleer of respondenten minimaal 2/3 van de vragen die ze hebben gekregen hebben ingevuld. Let op: soms krijgen ondervraagden slechts een deel van de vragenlijst te zien. Houd daar rekening mee. Als iemand minder dan 2/3 van de vragen heeft ingevuld, moet deze uit het databestand worden verwijderd.

Bekijk tevens de antwoorden van de respondenten, spreken de antwoorden elkaar tegen? Zijn de vragenlijsten ingevuld om ervan af te zijn, als iemand bijvoorbeeld altijd het eerste antwoord heeft aangekruist. Als er te veel interne tegenspraak is, de vragenlijst te onzorgvuldig ingevuld is of veel antwoorden ontbreken, verwijder dan de gehele vragenlijst. Deze antwoorden zijn niet betrouwbaar.

Zorg dat je een databestand hebt waar de goede data in staat, waarmee je de analyse kunt maken. Hierdoor wordt je analyse makkelijker en representatief.

Regelmatig krijgen we de vraag of we mee willen kijken naar een vragenlijst. We krijgen dan een enorme vragenlijst met veel te veel vragen. Dat is natuurlijk begrijpelijk, want je wilt zoveel mogelijk informatie krijgen van je respondenten. Maar hoe lang mag een vragenlijst nu zijn? Wij hebben hiervoor een aantal stelregels die wij zelf altijd toepassen. 

Regel 1: 3 á 4 A4 maximaal

Wanneer wij een vragenlijst opstellen mag die niet langer zijn dan 3 à 4 A4. Niet alleen om de inhoud maar ook om praktische redenen. Je kunt het makkelijk printen op 2A4 voor en achterkant. Het blijft overzichtelijk voor degene die het invult.

Door de beperking van ruimte moet je ook prioriteiten stellen aan de vragen die je wilt stellen. Bedenk daarom goed van te voren welke vragen echt van belang zijn en welke vragen alleen maar ‘nice to know’ zijn. Het ligt natuurlijk aan het soort vragen, hoeveel vragen dat het zijn. Hierbij gaat de volgende regel in werking.

Regel 2: Het invullen duurt maximaal 5 minuten

Je hebt natuurlijk niet alleen vragenlijsten op papier, tegenwoordig heb je steeds meer vragenlijsten die je online invult. Hierbij (maar ook voor papieren vragenlijsten) hanteren wij de regel dat het niet langer dan 5 minuten mag duren. Dit is de tijd die je makkelijk van iemand kunt vragen om een paar vragen te beantwoorden. Langer kan natuurlijk wel, maar dan raakt de respondent de concentratie kwijt voor het invullen van de vragenlijst. Wanneer het te lang duurt zal de respondent halverwege stoppen met invullen en dan ben je de respondent kwijt. Maak de vragenlijst daarom niet te lang en makkelijk invulbaar. Dat betekent ook zo min mogelijk open vragen, maar wel de mogelijkheid om opmerkingen te maken.

Regel 3: De doelgroep

De belangrijkste regel voor de lengte is je doelgroep. Het is daarom goed om voor jezelf op te stellen wie je doelgroep is en jezelf een aantal vragen te stellen. Hoeveel tijd heeft de doelgroep om een vragenlijst in te vullen? Welk medium gebruik de doelgroep om de vragenlijst in te vullen? Toch wel belangrijke vragen die de lengte van je vragenlijst bepalen. Oudere bezoekers in een museum hebben meer tijd om een vragenlijst in te vullen dan een jongeren die je op straat aanspreekt.

Natuurlijk zijn dit regels die wij hanteren en wij merken dat ze voor ons werken. Respondenten vullen makkelijk een kortere duidelijke vragenlijst in dan een lange uitgebreide vragenlijst. Bedenk daarom goed wat je wilt bereiken met je vragenlijst en welke informatie je nodig hebt.

Ericssonstraat 2
5121 ML  Rijen
Nederland
Claudia’s hart ligt bij onderzoek. Haar werkwijze is heel persoonlijk; ieder onderzoek vraagt tenslotte om maatwerk. Samen met de klant formuleert ze doelen, die ze vervolgens ook realiseert. Daarbij is ze volkomen transparant en deelt ze graag haar kennis en ervaring met anderen via haar laagdrempelige digitale cursussen en e-books.
© 2022 Claudia de Graauw. Alle rechten voorbehouden.
homeenvelopesmartphone