Over inventarisatie-onderzoek is niet erg veel informatie te vinden. In deze blog beschrijven we in het kort wat inventarisatie-onderzoek nu eigenlijk is en wanneer het zinvol is om het in te zetten.

Wil je meer weten over de verschillende soorten onderzoek die in je in kunt zetten en waar je op moet letten bij de keuze van een onderzoeksmethode, lees dan de volgende blogs:

overzicht van verschillende onderzoeksmethoden
Waar let je op bij de keuze van een onderzoeksmethode?

Wat is een inventarisatie-onderzoek?

Met inventarisatie-onderzoek wordt de stand van zaken op een bepaald gebied in kaart gebracht. Het wordt vaak gezien als een soort vooronderzoek waarbij je eerst de situatie in beeld brengt voordat je start met het daadwerkelijke onderzoek. Ook wordt het ingezet om een bepaalde activiteit meer kans van slagen te geven doordat je vooraf informatie hebt verzameld. Inventarisatie-onderzoek valt onder descriptief (beschrijvend) of exploratief (verkennend) onderzoek.

Waarvoor wordt inventarisatie-onderzoek ingezet?

Voorbeelden van inventarisatie-onderzoek

Regelmatig horen we van culturele organisaties dat ze gebruik maken van bezoekersprofielen. Deze moeten wij dan meenemen in de analyse van de het bezoekersonderzoek. In een eerdere blog hebben we al meer verteld over een aantal verschillende bestaande bezoekersprofielen. Er zijn een hoop voordelen bij deze profielen, maar er zijn ook wat nadelen. Zo past het vaak wel, maar eigenlijk ook weer net niet.

Voordelen van bezoekersprofielen

Bezoekersprofielen geven je organisatie inzichten in groepen mensen met veelal dezelfde eigenschappen. Hierop kun je het marketing- en communicatiebeleid aanpassen, maar ook de inhoud en vorm van tentoonstellingen en activiteiten. Vaak kent een organisatie verschillende bezoekersprofielen. In de profielen staat naast kenmerken van de bezoekers ook beschreven hoe en waar de groep mensen het beste te bereiken is. Zo zijn er bestaande bezoekersprofielen, waar musea mee werken, die gebaseerd zijn op een database. Deze database is gekoppeld aan de regio waar veel mensen uit het profiel zouden wonen. Dit geeft je informatie over de regio waar je organisatie zit. Een bezoekersprofiel geeft je dus handvatten voor je marketing- en communicatiebeleid, vorm en inhoud van je tentoonstellingen en activiteiten.

Nadelen van bezoekersprofielen

Bestaande bezoekersprofielen gaan uit van een gemiddelde, daardoor lijkt het alsof het past. Maar niemand is gemiddeld. De Nederlandse vrouw heeft bijvoorbeeld gemiddeld 1,54 kinderen, maar dat kan natuurlijk niet. In bestaande profielen wordt er dus met gemiddelden gerekend, zodat er zoveel mogelijk mensen toch in een hokje passen. Maar wanneer je zelf gaat bedenken in welk hokje je past, past het vaak net niet. Het ene kenmerk klopt en het andere kenmerk totaal niet.

Verder kan het zijn dat je het ene moment als bezoeker in hokje A zit en later toch in hokje B. Dit heeft er mee te maken met wie je naar het museum gaat of wat je beweegredenen zijn. Denk hierbij aan de volwassene die met een kind naar het museum gaat en dan bij families met kinderen hoort. Later gaat deze volwassene met een vriendin naar een kunsttentoonstelling en hoort dan bij cultuurliefhebbers. Zo zie je dat de profielen niet altijd passen en per bezoek anders kunnen zijn.

Voor een culturele organisatie is het dan ook belangrijk om goed naar de eigen bezoekers te kijken en niet blind te staren naar de bestaande bezoekersprofielen die zijn opgesteld.

Hulp bij bezoekersprofielen

Wil je graag werken met bezoekersprofielen, maar heb je daar hulp bij nodig. Het is namelijk ook mogelijk om zelf bezoekersprofielen op te stellen en wij helpen je daar graag bij met een bezoekersonderzoek.

In een ander blog hebben we verteld wat EVI inhoudt en wat je er mee kunt doen. Wanneer een penvoerder van Cultuureducatie met Kwaliteit (CmK) ervoor heeft gekozen om er mee aan de slag te gaan zijn er een aantal zaken de uitgezocht moeten worden. Hierover hebben wij 7 tips om EVI in te voeren verzameld tijdens het doen van een onderzoek naar EVI en de invoering ervan.

Voor welke schaal kies je?

Deze tips zijn natuurlijk niet alleen voor het gebruiken van EVI, je zou ze ook bij andere meetinstrumenten kunnen gebruiken die je nieuw wilt gaan inzetten. Kijk dan welke tip van toepassing kan zijn voor je.

gelopen periode hebben we een aantal blogs geschreven over waar goed onderzoek aan moet voldoen. In deze blog brengen we deze criteria nog een keer kort onder de aandacht en verwijzen we naar de blogs per onderwerp.

Betrouwbaarheid

De betrouwbaarheid van een onderzoek gaat over de mate waarin de bevindingen te vertalen zijn naar een groter geheel. Bij kwantitatief onderzoek geeft het betrouwbaarheidspercentage de kans aan dat bij herhaling van het onderzoek hetzelfde uit het onderzoek komt. Bij kwalitatief onderzoek gaat betrouwbaarheid over het spreken van de juiste personen. Meer info: wat betekent betrouwbaarheid?

Validiteit

De validiteit van een onderzoek vertelt iets in hoeverre de vragen die gesteld zijn meten wat ze moeten meten. M.a.w. zijn de gestelde vragen ondubbelzinnig? Kan de respondent de vraag anders opgevat hebben dan jij hem gesteld hebt? En wat betreft de gehele vragenlijst: geven de gestelde vragen in de vragenlijst antwoord op de onderzoeksvraag? Meer info: wat is validiteit?

Dat betrouwbaarheid en validiteit met elkaar samenhangen, blijkt uit onderstaand plaatje.

 

Representativiteit

Representativiteit houdt de mate in waarin de respondenten uit een steekproef een goede afspiegeling vormen van de doelgroep van je onderzoek. Je onderzoek is hierdoor representatief, wat betekent dat de eindconclusie van je onderzoek kloppend is voor ‘iedereen’ in je onderzoekspopulatie. Zorg ervoor dat je steekproef voldoende groot is en dat de opbouw van je steekproef in grote lijnen overeenkomt met je populatie. Meer info: representativiteit: wat is het en hoe krijg je het?

Herhaalbaarheid

Het onderzoek moet herhaalbaar zijn op een ander tijdstip, met een andere onderzoeker, andere steekproef (wel dezelfde doelgroep) en onder andere omstandigheden.  Meer info: onderzoek moet herhaalbaar zijn

Objectiviteit

Objectiviteit komt met name naar voren bij kwalitatief onderzoek. Bij een interview heb je als onderzoeker absoluut geen mening. Althans die mening mag je niet laten merken. Een objectieve houding is misschien wel de belangrijkste eigenschap van een interviewer. Maar ook bij kwantitatief onderzoek is objectiviteit belangrijk. Hierbij gaat het om hoe je een vraag formuleert. Een neutrale formulering is hierbij essentieel. Meer info: objectief blijven bij kwalitatief onderzoek

Onafhankelijk

Een onafhankelijk onderzoek betekent dat de onderzoeker geen belang heeft bij de uitkomsten van het gesprek. Je meet dus niet volgens je eigen maatstaf. Dat is onder andere belangrijk wanneer je onderzoek doet naar je eigen organisatie. Je wilt voorkomen dat je valt onder de slogan: ‘Wij van wc-eend, adviseren wc-eend‘. Meer info: onafhankelijk onderzoek wat is het?

In de afgelopen periode hebben we een aantal blogs geschreven over waar goed onderzoek aan moet voldoen. In deze blog brengen we deze criteria nog een keer kort onder de aandacht en verwijzen we naar de blogs per onderwerp.

Betrouwbaarheid

De betrouwbaarheid van een onderzoek gaat over de mate waarin de bevindingen te vertalen zijn naar een groter geheel. Bij kwantitatief onderzoek geeft het betrouwbaarheidspercentage de kans aan dat bij herhaling van het onderzoek hetzelfde uit het onderzoek komt. Bij kwalitatief onderzoek gaat betrouwbaarheid over het spreken van de juiste personen. Meer info: wat betekent betrouwbaarheid?

Validiteit

De validiteit van een onderzoek vertelt iets in hoeverre de vragen die gesteld zijn meten wat ze moeten meten. M.a.w. zijn de gestelde vragen ondubbelzinnig? Kan de respondent de vraag anders opgevat hebben dan jij hem gesteld hebt? En wat betreft de gehele vragenlijst: geven de gestelde vragen in de vragenlijst antwoord op de onderzoeksvraag? Meer info: wat is validiteit?

Dat betrouwbaarheid en validiteit met elkaar samenhangen, blijkt uit onderstaand plaatje.

Validiteit en betrouwbaarheid

Representativiteit

Representativiteit houdt de mate in waarin de respondenten uit een steekproef een goede afspiegeling vormen van de doelgroep van je onderzoek. Je onderzoek is hierdoor representatief, wat betekent dat de eindconclusie van je onderzoek kloppend is voor ‘iedereen’ in je onderzoekspopulatie. Zorg ervoor dat je steekproef voldoende groot is en dat de opbouw van je steekproef in grote lijnen overeenkomt met je populatie. Meer info: representativiteit: wat is het en hoe krijg je het?

Herhaalbaarheid

Het onderzoek moet herhaalbaar zijn op een ander tijdstip, met een andere onderzoeker, andere steekproef (wel dezelfde doelgroep) en onder andere omstandigheden.  Meer info: onderzoek moet herhaalbaar zijn

Objectiviteit

Objectiviteit komt met name naar voren bij kwalitatief onderzoek. Bij een interview heb je als onderzoeker absoluut geen mening. Althans die mening mag je niet laten merken. Een objectieve houding is misschien wel de belangrijkste eigenschap van een interviewer. Maar ook bij kwantitatief onderzoek is objectiviteit belangrijk. Hierbij gaat het om hoe je een vraag formuleert. Een neutrale formulering is hierbij essentieel. Meer info: objectief blijven bij kwalitatief onderzoek

Onafhankelijk

Een onafhankelijk onderzoek betekent dat de onderzoeker geen belang heeft bij de uitkomsten van het gesprek. Je meet dus niet volgens je eigen maatstaf. Dat is onder andere belangrijk wanneer je onderzoek doet naar je eigen organisatie. Je wilt voorkomen dat je valt onder de slogan: ‘Wij van wc-eend, adviseren wc-eend‘. Meer info: onafhankelijk onderzoek wat is het?

Wanneer je bekend bent in de wereld van cultuureducatie hoor je steeds vaker geluiden over EVI. Vooral binnen het primair onderwijs, maar de eerste geluiden over EVI in het voortgezet onderwijs hebben ons ook bereikt. Wat is EVI en niet onbelangrijk: wat heb je aan EVI? In deze blog ga ik je er meer over vertellen.

Het ontstaan van EVI

Stichting Kunst en Cultuur heeft EVI ontwikkeld als zelfevaluatie instrument voor de scholen die gebruik maakten van de CmK-regeling (Cultuureducatie met Kwaliteit). De zelfevaluatie geeft de scholen inzicht en informatie over ontwikkelmogelijkheden. Daarnaast wordt de verzamelde data geanonimiseerd en gebruikt voor de verantwoording voor de CmK-regeling. EVI is samen met de Rijksuniversiteit Groningen ontwikkeld. Dit is doorontwikkeld door LKCA met verschillende cultuureducatie organisaties, zodat deze landelijk ingezet kon worden en EVI 2.0 is ontstaan. Op deze manier is het vooral een ontwikkelingsinstrument geworden voor de scholen.

Het ontstaan van EVI

Stichting Kunst en Cultuur heeft EVI ontwikkeld als zelfevaluatie instrument voor de scholen die gebruik maakten van de CmK-regeling (Cultuureducatie met Kwaliteit). De zelfevaluatie geeft de scholen inzicht en informatie over ontwikkelmogelijkheden. Daarnaast wordt de verzamelde data geanonimiseerd en gebruikt voor de verantwoording voor de CmK-regeling. EVI is samen met de Rijksuniversiteit Groningen ontwikkeld. Dit is doorontwikkeld door LKCA met verschillende cultuureducatie organisaties, zodat deze landelijk ingezet kon worden en EVI 2.0 is ontstaan. Op deze manier is het vooral een ontwikkelingsinstrument geworden voor de scholen.

nen het primair onderwijs, maar de eerste geluiden over EVI in het voortgezet onderwijs hebben ons ook bereikt. Wat is EVI en niet onbelangrijk: wat heb je aan EVI? In deze blog ga ik je er meer over vertellen.

EVI in de praktijk

EVI is een ontwikkelingsinstrument voor scholen om te zien waar ze staan en welke stappen ze nog kunnen ondernemen in de toekomst. EVI is niet oordelend. Het laat zien waar je als school staat en het helpt scholen verder om het beleid uit te voeren. Daarnaast is het een gespreksinstrument voor coaches, adviseurs en begeleiders van cultuureducatie op scholen.

Om EVI goed in te vullen heeft de ICC-er gemiddeld een uur nodig. Vooral de eerste keer kan het tijdsintensief zijn om EVI in te vullen. Een nieuwe ICC’er kan hulp vragen wanneer deze EVI voor de eerste keer moet invullen. Tijdens het invullen kan er een hulpvraag gesteld worden door de school aan de coach, adviseur of begeleider van de penvoerder. Deze komt hier automatisch terecht en kan hierover contact opnemen.

Na het invullen van EVI krijgt de school direct de resultaten te zien en het scenario waar ze inzitten. Ze krijgen tips en suggesties voor vervolgstappen. Scholen gebruiken EVI om na te denken over hun cultuurvisie en het beleid op hun school. De coaches, adviseurs en begeleiders kunnen hierbij helpen.

Voor de penvoerder van Cultuureducatie met Kwaliteit kan er een geanonimiseerde analyse van alle ingevulde EVI’s gemaakt worden door een kennispartner. Dit is een universiteit waar LKCA een samenwerkingsovereenkomst mee heeft. Deze kennispartners werken volgens een vast stramien om de resultaten te analyseren. Naast de rapportage is het is het mogelijk om de scholen te vergelijken, als het er maar minimaal 5 scholen zijn om de anonimiteit te houden. Deze vergelijking is af te zetten op wijkniveau, stadsniveau, maar straks ook landelijk.

EVI en de verantwoording

Tijdens het invullen van EVI worden kwantitatieve en kwalitatieve gegevens verzameld. Zo zijn er veel open vragen, maar ook een aantal gesloten vragen waar aantallen ingevuld moeten worden. Deze gegevens kan de penvoerder van CmK  gebruiken in haar verantwoording naar Fonds Cultuurparticipatie. Niet alle gegevens die nodig zijn voor de verantwoording, zijn terug te vinden in EVI. Er zullen toch extra gegevens verzameld moeten worden naast EVI.

Naast het rapport dat gemaakt wordt door een kennispartner is er een reactie nodig op het rapport om de resultaten te duiden. Denk hierbij aan een begeleidend schrijven met reacties op resultaten.

Met het uitvoeren van een bezoekersonderzoek kun je veel informatie ophalen en hiermee

(beleids-)vragen beantwoorden. Oftewel, wat is het doel van je onderzoek? In deze blog worden deze doelen nader uiteengezet.

Wil je meer weten over waar je allemaal aan moet denken bij een bezoekersonderzoek, lees de volgende blogs:

De volgende (beleids-)vragen kunnen ten grondslag liggen aan het uitvoeren van een bezoekersonderzoek:

Wat is de impact die we hebben op een bezoeker?

Of je bij een theater werkt, een museum, een bibliotheek of een andere openbare organisatie, je wilt met je dienstverlening een bepaalde impact maken op je bezoekers. Impactmetingen richten zich op het vermeende effect, je maakt een schatting van de effecten. Dit kan door (meestal) na afloop van het bezoek, de bezoeker een aantal vragen te stellen. Denk hierbij aan vragen als:

Hoe tevreden is de bezoeker?

Waar je tegenwoordig ook naar toegaat, heel vaak krijg je achteraf, vaak via de mail, een paar vragen hoe je het bezoek hebt ervaren. Hoe tevreden ben je nu eigenlijk? Vanzelfsprekend is het voor organisaties heel belangrijk om de tevredenheid van de bezoeker te meten. Via de mail zal de respons erg laag zijn. Beter is het om bijvoorbeeld bezoekers aan het einde van het bezoeker face-to-face een paar vragen te stellen of (indien mogelijk) na een paar dagen bezoekers te bellen om zo de tevredenheid op te halen. De verkregen gegevens stelt je als organisatie in staat om het aanbod (nog) beter af te stemmen op de behoeftes van de bezoekers, zonder daarbij je eigen visie/missie uit het oog te verliezen.

Wie is de bezoeker? Bereik ik de beoogde doelgroep?

Als museum beoog je met bepaalde tentoonstellingen een bepaalde doelgroep te bereiken. Wanneer je een tentoonstelling inricht over een bepaald thema, hoop je hiermee die mensen te bereiken die speciale interesse hebben in dat thema en met name mensen die anders wellicht niet naar het museum zouden komen. Alleen onderzoek kan uitwijzen of dit ook daadwerkelijk zo is. Meestal bevraag je bezoekers na afloop van het bezoek, echter hier kan dit ook tijdens het bezoek. Behalve te vragen naar de achtergrond van de bezoeker is het hierbij zeker ook relevant om te vragen hoe ze wisten van deze tentoonstelling. Welk communicatiekanaal was hierbij het meest succesvol? Zinvolle informatie voor de marketingafdeling. Dit voorbeeld betreft musea, maar is makkelijk door te vertalen naar andersoortige organisaties.

Wat verwachten de bezoekers van een bezoek? Wat zijn hun wensen?

Voorafgaand aan een bezoek hebben bezoekers bepaalde verwachtingen. Ofwel doordat ze er al eerder zijn geweest, of doordat ze het er met anderen over hebben gehad, of door de marketinguitingen van de organisatie, enzovoorts. Door hierover een aantal vragen te stellen bij de start van het bezoek, kan dit in beeld worden gebracht. Interessant is natuurlijk om aan het einde van het bezoek te vragen of hun verwachtingen zijn uitgekomen of misschien zelfs zijn overtroffen.

Gaat het met name om 1e bezoekers of vooral herhaalbezoeken?

Wanneer het bezoek aan een organisatie tot tevredenheid stemt, zullen bezoekers eerder terugkomen en wellicht anderen hierbij meenemen. Het kan een doelstelling zijn van een organisatie om bezoekers te overtuigen periodiek terug te komen. Ook kan het zijn dat organisaties door een bepaald (tijdelijk) aanbod juist nieuwe bezoekers willen werven. Of organisaties slagen in hun opzet kunnen we de aloude onderzoekersslogan van stal halen: ‘meten is weten’. Het ophalen van deze informatie kan op een aantal momenten:

De data is verzameld en de eerste analyse is gedaan. Er ligt een hoop data voor je en nu is het tijd om dit in een mooi rapport te verwerken. 

Met deze tips kom je uiteindelijk tot een goed eindresultaat en een prachtig rapport

1. Kies een andere vorm van rapportage:

Bedenk of een traditioneel rapport de juiste vorm is om de resultaten te delen. Andere vormen van rapportage kunnen zijn: Powerpointrapportage, infographic, presentatie, dashboard, animatie, folder/flyer, tijdschrift of artikel in een tijdschrift.

2. Maak als eerste je inhoudsopgave:

Door het opstellen van je inhoudsopgave zie je of je alle deelvragen goed beantwoordt en of alle informatie op de juiste plek terecht komt in je rapport. Houdt er rekening mee dat lezers graag snel de conclusie willen lezen en daarna de uitleg.

3. Begin met schrijven van je rapportage:

Begin met het schrijven van de details in je paragrafen. Daarna schrijf je per hoofdstuk een conclusie. Bij het trekken van de conclusies probeer je de deelvragen te beantwoorden. Uiteindelijk schrijf je de samenvatting, alleen wanneer je een uitgebreide rapportage hebt. Maak de samenvatting niet te lang.

4. Houd het schrijven leuk:

Maak een lijstje van wat je allemaal moet doen. Een goede is om de inhoudsopgave te printen en hierop aan te strepen wat je al gedaan hebt. Op deze manier zie je letterlijk hoe ver je bent. Wanneer je het niet meer ziet, is het handig om even met iemand te sparren over het onderzoek. Vertel waar je mee bezig bent en wat de resultaten zijn. Waarschijnlijk kom je al pratende weer tot inzichten die je kunt gebruiken. Bedenk dat wat voor jou duidelijk en vanzelfsprekend is nog niet voor een ander duidelijk en vanzelfsprekend hoeft te zijn.

5. Neem de tijd:

Maak naast je lijstje een duidelijke planning en neem de tijd om je rapport te schrijven en door iemand te laten lezen. En lukt het even niet, neem even een pauze. Ga muziek luisteren, kijk een filmpje. Als je daarna met een frisse blik naar je data kijkt, kan het zomaar zijn dat je ineens weer ziet wat je aan het doen bent en wat je nog allemaal moet doen. Even afstand nemen werkt vaak beter dan maar door blijven buffelen en het op een gegeven moment niet meer zien.

6. De puntjes op de i:

Pak je analyseschema er nog een laatste keer bij: heb je alle deelvragen beantwoord? Dan ben je echt ver klaar. Dit is het moment om je rapport door een buitenstaander te laten lezen. Diegene kan er spelfouten uithalen en laten weten of het een duidelijk verhaal is. Komt de informatie goed over en zijn de conclusies helder en duidelijk geschreven? Wanneer dat allemaal gedaan is kijk je nog een laatste keer naar de opmaak. Zorg dat de paginanummers goed staan en de bronnen zijn gecheckt.

Tot slot: geniet ervan dat je het geschreven hebt. Je bent al weken, misschien wel maanden bezig met je onderzoek en nu ben je bijna klaar. De laatste loodjes wegen wellicht zwaar, maar de laatste puntjes op de i maken je rapportage helemaal af.

Wil je meer weten over het schrijven van rapportage of heb je hulp nodig bij je scriptie? Kijk hier voor ons e-boek Help ik moet onderzoek doen

Deze blog gaat over het testen van een vragenlijst voorafgaande aan het daadwerkelijke onderzoek.

Wil je meer weten over waar je allemaal aan moet denken bij het uitvoeren van kwantitatief onderzoek, lees de volgende blogs:

Waarom je vragenlijst testen?

Het testen heeft als doel om te kijken of je met je vragenlijst echt ophaalt wat je wilt ophalen. Meet je wat je wilt meten? Een andere vraag die je je moet stellen is of je met de data uit de vragenlijst je onderzoeksvragen kunt beantwoorden en vanzelfsprekend is het van belang dat er geen fouten in staan. Denk bij dit laatste aan foute of incomplete antwoordcategorieën of verkeerde doorverwijzingen waardoor respondenten vragen krijgen die niet voor deze respondent bestemd zijn of vragen juist niet krijgen die wel voor deze respondent van toepassing zijn. Wanneer je een groot, wetenschappelijk onderzoek gaat uitvoeren, zal het vooronderzoek onder een relatief grote groep respondenten moeten worden uitgevoerd. Hierbij wil je bijvoorbeeld ook antwoord krijgen op de vraag of bepaalde vragen/stellingen onder te brengen zijn in schalen op een statistisch verantwoorde wijze.

Ga in gesprek met je respondent

Test je vragenlijst onder respondenten die ook tot je uiteindelijke doelgroep behoren en ga na of tijdens het invullen van de vragenlijst met hen in gesprek. Haal hierbij op of alle vragen duidelijk zijn en niet multi-interpretabel. Vraag of het doel van het onderzoek helder is en hoe lang ze over het invullen van de vragenlijst hebben gedaan. De respondent mag in het gesprek gerust kritisch zijn, dit is namelijk het moment om nog aanpassingen te doen.

Datacheck pilot

Sommige ‘fouten’ kun je niet achterhalen wanneer je je bij de pilot beperkt tot het spreken van je respondenten. Respondenten kunnen bijvoorbeeld niet weten wanneer zij vragen niet krijgen door foute doorverwijzingen. Analyseer je data verkregen uit de pilot zorgvuldig. Kijk of alle velden goed gevuld zijn en ga terug naar je onderzoeksvragen. Kun je met deze data de onderzoeksvragen beantwoorden. Gebruik de datacheck ook voor het testen van eventuele schaalconstructies.

Test herhalen?

Het is verstandig om je test te herhalen wanneer je de vragenlijst substantieel hebt aangepast. Een fout is snel gemaakt, zeker wanneer je er al lang mee bezig bent. Vraag een andere groep testrespondenten voor deze herhaalpilot. Zij kijken weer met een frisse blik naar de vragenlijst.

Logo provincie flevoland

Evaluatie educatieprogramma Democratie en de Rechtsstaat

In schooljaar 2018-2019 heeft Provincie Flevoland het educatieprogramma Democratie en de Rechtsstaat opgezet, gericht op het basis-, voortgezet en beroepsonderwijs. Aanleiding was dat de provincie merkte dat de politiek en de overheid ver van jongeren af staan, zij weinig binding hebben met de provincie en weinig weten over de democratie, het politieke bestel en de rechtsstaat. In het programma Democratie en de Rechtsstaat hebben zij daarom allerlei soorten lessen opgezet die jongeren in aanraking brengen met de provinciale politiek en vormen van burgerschap.  Om te bepalen of het onderwijsprogramma een vervolg krijgt, hebben wij gemeten wat de effecten zijn geweest van het programma op het onderwijs, maar bovenal of er vanuit het onderwijs behoefte is dat de provincie onderwijsprogramma's aanbiedt. Daarvoor hebben we interviews afgelegd met docenten uit de verschillende vormen onderwijs, de programmamakers, Statenleden en de begeleidingscommissie. Naar aanleiding van deze gesprekken hebben we een rapportage kunnen uitbrengen die antwoorden en adviezen gaf op de vraag of het lesprogramma moet worden voortgezet. Daarnaast hebben we het programma intern geëvalueerd met Statenleden, organisatoren en uitvoerende partijen.

Lees meer:

Cultuur

Cultuurscan VO

Om cultuureducatie te monitoren op het Voortgezet Onderwijs is er een aantal jaar geleden een cultuurscan ontwikkeld voor de scholen. Deze scan is wat verouderd en Cultuurschakel wil deze updaten en opnieuw laten uitvoeren. Samen met betrokken medewerkers wordt de cultuurscan opnieuw ontwikkeld en uitgevoerd door de cultuurcoaches van CultuurSchakel, waarna wij de data gaan analyseren.

Lees meer:

Ericssonstraat 2
5121 ML  Rijen
Nederland
Claudia’s hart ligt bij onderzoek. Haar werkwijze is heel persoonlijk; ieder onderzoek vraagt tenslotte om maatwerk. Samen met de klant formuleert ze doelen, die ze vervolgens ook realiseert. Daarbij is ze volkomen transparant en deelt ze graag haar kennis en ervaring met anderen via haar laagdrempelige digitale cursussen en e-books.
© 2022 Claudia de Graauw. Alle rechten voorbehouden.
homeenvelopesmartphone